Pa
![]() |
Met m'n vader aan het strand op Aruba. |
Op de verjaardag van m'n neef Kenneth werd ik aan die periode herinnerd toen een vriendelijke, hoogbejaarde Curaçaose heer me vertelde dat hij m'n vader goed gekend had en samen met hem in de nasleep van die 30e mei het bedrijfsleven op Curaçao bijeen had gebracht. "Je vader kon goed schrijven," zei hij. En dat klopt. Hij was naast het drukke bestuurs- en zakenleven dat hij leidde correspondent voor onder meer Associated Press en gaf jarenlang een eigen magazine uit. Hij schreef geweldige brieven en artikelen.
![]() |
Gouverneur Lucille George-Wout. |
Toen ik eind maart voor enkele weken op Curaçao was, was het hier onrustig. Er hing een grimmige sfeer, die sommigen beangstigde. De angst voor massaal wangedrag is na die 30 di mei in het Curaçaose DNA gekropen. Na een periode van politiek gesjoemel door Gerrit Schotte en trawanten, werden verkiezingen uitgeschreven voor 28 april. De politieke situatie was instabiel en het populisme vierde hoogtij. De vele media (Curaçao telt met zijn 140.000 inwoners maar liefst acht dagbladen en twintig radiostations) leken elk geschreeuw een podium te geven, zonder kritische kanttekeningen te plaatsen bij de hetzes die door herrieschoppers-op-het-pluche werden gecreëerd. Dankzij moedig optreden van Gouverneur Lucille George-Wout werden het gelukkig toch rustige verkiezingen. Ze diende bij de Rijksministerraad een hulpverzoek in om er zo voor te zorgen dat het met dictatoriale trekjes gelardeerde landsbestuur buiten spel werd gezet en de herrieschoppers de verkiezingen niet konden frustreren. Op de dag dat ze dat deed zou ik mijn opwachting bij haar maken; wij kennen elkaar uit een ver vervlogen politiek tijdperk. Maar die audiëntie viel begrijpelijkerwijs in het water vanwege die actualiteit. Haar adjudant beIde me op om de afspraak af te zeggen. En zo voel ik me een knapperig voetnootje in de geschiedenis van de Curaçaose democratie.
![]() |
Het Kabinet-Rhuggenaath. |
Met het Chinese GZE is een
overeenkomst getekend voor het uitvoeren van een haalbaarheidsstudie naar de bouw
van een nieuwe olieraffinaderij en de schoonmaak van het terrein van de huidige
Isla-raffinaderij (voorheen Shell) aan het Schottegat, een puist in het gezichtsbepalende optische centrum van het eiland. Daarmee komt mogelijk een
oud plan tot leven voor de bouw van een zelfvoorzienende groene stad: GreenTown. Ik kan er erg vrolijk van worden
als ik deze ontwikkelingen bezie. Eind maart stond alles stil. Zakenmensen
waren in zak en as, de economie stond zwaar op de handrem. Dat lijkt nu echt te gaan veranderen.
![]() |
Een campagne-advertentie. |
Zijn er geen negatieve
ontwikkelingen? Jazeker. Het nationale telecombedrijf UTS gaat de komende drie
jaar meer dan tweehonderd medewerkers ontslaan. En vliegtuigmaatschappij Insel Air
verkeert nog in staat van faillissement. Er zijn al langere tijd gesprekken
gaande tussen de regering en de grootaandeelhouder van de Colombiaanse
vliegtuigmaatschappij Avianca over een doorstart. Met de twee hoofdonderhandelaars - van de
regering en van Avianca - mocht ik in april nog lunchen. Die laatste is een
Joodse man, die erg geïnteresseerd is in de Joodse geschiedenis van Curaçao.
De regeringsonderhandelaar is een goede vriend van me, ook uit een politiek verleden. Hij nodigde me uit om aan te schuiven en wat te komen vertellen over Joods Curaçao. En zo belandde ik die dag tussen een ver verleden en de actualiteit van dat moment.
Binnen Joods Curaçao zit ook
wat positieve beweging. Kort voor het Joods nieuwjaar - Rosj Hasjana - arriveerde
rabbijn Refoel Silver met zijn gezin op het eiland. Hij is de nieuwe geestelijk
leider van de Asjkenazische (Oost-Europese) gemeente Shaarei Tzedek. Hij
behoort tot de Chabad-Lubavitch beweging, die veel aan outreachwerk - het
bij het Joodse leven betrekken van verafstaande geloofsgenoten - doet. Ook in Nederland
doet Chabad – o.a. de rabbijnen Vorst, Jacobs, Spiero en Evers – fantastisch werk.
Ik ontmoette de jonge rabbijn Silver op de zondag tussen Rosj Hasjana en Jom
Kipoer - Grote Verzoendag - toen gemeenteleden van de beide zustergemeenten
traditiegetrouw samen de Joodse
begraafplaatsen bezochten. Ik kwam hem tegen op de ‘moderne’ begraafplaats op Berg Altena. Hij was zo goed
om met mij de traditionele gebeden voor een overleden ouder uit te spreken bij het graf
van mijn vader, die in 1985 overleed toen ik met mijn ouders in Miami woonde. Hij
is maar 55 geworden. Ik ben 53; een doodenge gedachte. Rabbijn Silver nodigde
me uit om binnenkort bij hem te komen eten in de soeka (een loofhut), tijdens de
huidige feestweek van Soekot. Daar kijk ik naar uit.
![]() |
Een deel van het interieur van de Snoa (1732). |
![]() |
Pa. |
Op Jom Kipoer – 10 dagen na Rosj Hasjana – las ik met twee andere gemeenteleden vanaf de biema (het podium in de synagoge) alle namen op van gemeenteleden die pakweg de afgelopen honderd jaar zijn overleden. Eén voor éen. Want zolang we hun namen hardop zeggen en aan ze denken, leven ze voort. Prachtige dubbele achternamen die je niet meer hoort: Abinun de Lima, Namias de Crasto, Shalom Delvalle. Ik las ook de namen op van mijn grootouders: Rosalynde Salas, Otto Senior, Isedor Serphos, Reina Israëls. Aangekomen bij de naam van m’n vader pauzeerde ik en voegde voor zijn naam de Hebreeuwse formule toe: Avi mori – mijn vader en leraar.
_____________________________________________________
Lees ook mijn andere posts op deze blog:
Orkaan Irma
Een warm bad
In de voetsporen van mijn voorvader
En mijn blog:
Wat ik trouwens nog wilde zeggen...
Reacties
Een reactie posten